De prijs van perfectie

Ik loop op mijn sokken over de houten vloeren van het 16e-eeuwse ‘kraai’-kasteel — zo genoemd vanwege de imposante zwarte kleur die het uitstraalt. Binnen zijn vijf smalle, steile trappen die je telkens een verdieping hoger brengen. Bij iedere trap staan bewakers die met strakke gebaren en duidelijke instructies de kleine stroom bezoekers reguleren. Fotograferen is verboden, en iedereen moet netjes aan de linkerkant omhoog en aan de rechterkant omlaag. De organisatie is perfect ingesleten; alle bewakers volgen de onveranderlijke regels.

Omhoog gaat het goed; Kea loopt voorop en heeft er zin in. Halverwege stokt ze ineens; een forse vrouw die duidelijk moeite heeft met de smalle trap, besluit naar beneden te komen. Mijn hart trekt samen bij het zien van die steile trap, 150 kilo en Kea.

Vijf minuten later begrijp ik haar iets beter. Als wij van boven naar beneden gaan, maakt de bewaker duidelijke gebaren dat ‘we kunnen’. We steken ons hoofd om de hoek en denken daar duidelijk anders over. Met kleine, aarzelende stappen worstelt een bejaarde man omhoog. We besluiten hem de ruimte te geven en te wachten. De bewaker gebaart opnieuw: ‘nu kan het.’ We kijken. Een klein meisje van een jaar of drie klimt samen met haar oudere zus omhoog. Juist.
 We besluiten geduldig te wachten tot de trap vrij is van minder mobiele mensen. Dat lijkt ons beter voor iedereen. Behalve voor de bewaker — die schatten we duidelijk niet op waarde.

Twee dagen later staan we in de rij voor een kinderattractie: een soort scootertjes voor peuters. Het gaat traag, heel traag. De medewerkers wisselen de kinderen volgens een strak schema, met onvoorstelbaar veel geduld en persoonlijke aandacht. Ze knielen neer, maken oogcontact, en overhandigen elk kind een ‘bewijs van deelname’ — een lieve, kleine beloning die eigenlijk meer zegt over de zorg die hier standaard is dan over het ritje zelf. De hele entourage is zorgvuldig getraind en toegewijd. Oprechte aandacht, of onderdeel van de ingetrainde procedure?

Een peuter krijgt een driftbui en weigert te lopen; de moeder probeert haar te kalmeren, maar de medewerker signaleert meteen dat de regels gelden: aansluiten, ook als het moeilijk is. Kea krijgt geen ‘Suzuka Park Paspoort’, omdat ze vijf dagen te jong is. Maurice mag niet karten op 20 km/u zonder de verplichte cursus, ondanks zijn internationale rijbewijzen.
 Het is een wereld van uitersten: medewerkers zwaaien iedereen uit die een attractie instapt — volwassenen niet uitgezonderd — en applaudisseren bij aankomst. Het is hartverwarmend én een beetje surrealistisch.

Japan is prachtig schoon, Japan is stil, Japan is luidruchtig, Japan is modern, Japan is ouderwets, Japan is een beetje absurd.
Waar ik eerst dacht dat Japanners leven in een respectvolle maatschappij, vraag ik me nu af of de regels in hun samenleving belangrijker zijn dan mensen. Want als regels belangrijker worden dan contact, wat blijft er dan nog over van echt respect?

mensen vinden dit leuk

Reacties (1)

Log in om een reactie te plaatsen.

R
Rineke 10 maanden geleden

Bijzonder cultuur en omgang. Mooi om mee te maken. Het houd je scherp in wat echt belangrijk is.

Cookies & Privacy

Wij gebruiken Google Analytics om onze website te verbeteren en reCAPTCHA om spam te voorkomen. Door te accepteren ga je akkoord met het gebruik van deze services. Meer informatie